Je zou kunnen zeggen dat de Erfgoeddag in de lente doet, wat de Open
Monumentendag in het najaar doet.
Open Monumentendag werkt vooral met onroerend erfgoed en
werkt vooral met monumenten, andere waardevolle gebouwen en
archeologische sites en landschappen.
Tijdens de Erfgoeddag staat vooral het roerend en
immaterieel erfgoed, ook wel het bewegend en onzichtbaar erfgoed
genoemd, centraal. Dat zijn kort gezegd de dingen en de verhalen
die we van onze voorouders erfden. Die zijn minder monumentaal, maar net
zo belangrijk als onze gebouwen.
De
Erfgoeddag werkt elk jaar met een thema: Verzamelen (2002), Op Reis
(2003), 't Zit in de Familie (2004), Gevaar (2005), In Kleur (2006), Waarden (2007),
Word verwacht: (2008), Uit vriedschap!? (2009).
Op zondag 25 april 2010 vindt de
tiende editie van Erfgoeddag plaats, met als centraal thema 'Fake?'.
Ook
nu wil de Erfgoeddag iedereen (sector, publiek en beleid) laten stil
staan bij het belang van het cultureel erfgoed in onze omgeving.
Dacht je echt dat erfgoed alleen
maar iets is van vroeger? Dat alleen oude mensen ermee bezig zijn? Dat
het voor jou helemaal niks betekent? Dat dacht je maar! Iedereen houdt
herinneringen bij van een ver of minder ver verleden: de foto's van je
eigen kindertijd, een collectie bidprentjes van de familie, de verhalen
van je (groot)vader over de oorlog, het sappige Opwijks dialect, de
kinderliedjes die je moeder zong, de ontstaansgeschiedenis van je dorp,
het poëziealbum dat je altijd hebt bewaard,…
Het erfgoed is al het
waardevolle dat wij overgeleverd kregen van onze voorgangers. Het is belangrijk voor iedereen! Het zegt waar we vandaan komen. En
bepaalt zo mee waar we naartoe gaan. Erfgoeddag zorgt ervoor dat je
tijdslijn steeds langer wordt.
Erfgoed vind je overal terug en komt uit
verschillende domeinen: industrie, cultuurgeschiedenis, kunst,
wetenschap,...
Het erfgoed bepaalt mee het karakter en de eigenheid van onze
samenleving. De zorg voor het cultureel erfgoed is dan ook heel
belangrijk. En trouwens, met al dat erfgoed moet ook iets gedaan
worden. Geef het erfgoed een actuele, betekenisvolle plaats in de
samenleving... zodat het erfgoed van vandaag een mooie toekomst
krijgt.
Het thema
van deze jubileumeditie van Erfgoeddag biedt ons een geldig excuus
om eens stil te staan bij en samen met het publiek in te gaan op
deze achtergrond van onze hedendaagse erfgoedbenadering. FAKE?
nodigt en daagt ons uit tot zoektochten naar en presentaties van
voorbeelden uit de eigen dagelijkse praktijk. Wij gunnen het publiek
–onze erfgoedgemeenschap– die diepgaandere blik achter en doorheen
de oude en voortdurende maskerade van manieren van voorstellen
(performance) en van steeds weer voorlopige en voorwaardelijke
duidingen (interpretatie). Wij trachten de illusie van
authenticiteit te doorprikken die altijd weer op de loer liggen.
Ook dit jaar werkt de Heemkring Opwijk-Mazenzele traditiegetrouw
ter gelegenheid van de Erfgoeddag een kwalitatief programma
uit dat direct aansluit bij het centrale onderwerp
voor Vlaanderen 'Fake?'.
De
woordelijke waarheid achter fake
Wie even aandachtiger wil kijken naar het woord
fake,
ontdekt dat deze term uitermate geschikt is om er onze 21ste eeuwse
benadering van erfgoed mee te thematiseren. Voor de Engelsen zelf is
fake
immers absoluut geen authentiek Engels woord. De oudste vermelding
dateert slechts uit 1775 en situeert zich in de boeventaal van de
Londense onderwereld.
Volgens
The Concise Oxford Dictionary of English Etymology
(1996) moet de oorsprong van dit woord gezocht worden in het
Continentaalgermaanse werkwoord 'vegen', in de betekenis van
opblinken, opnieuw glans geven.
Fake
is
dus meer Nederlands en minder Engels dan op het eerste gezicht zou
lijken. En is de achterliggende etymologie niet ook een goede
beschrijving van waar we binnen de erfgoedzorg permanent mee bezig
zijn: de wat in vergetelheid geraakte, materiële en immateriële
culturele getuigenissen uit het verleden afstoffen en opblinken om
ze telkens weer terug onder de aandacht te brengen en ze voor
herinterpretatie en adaptatie beschikbaar te maken? Een
sprookjesvergelijking met de oude olielamp uit
De vertellingen van duizend-en-één-nacht
dringt zich bijna op. Pas door het opwrijven ervan wekt Aladin de
geest erin op, die vervolgens (erfgoed)wensen in vervulling kan
laten gaan.
'Fake' betekent
volgens de Van Dale: bedrog, namaak, misleiding. Het is een synoniem
voor 'nep'. Als werkwoord is het faken, en dat betekent doen alsof,
imiteren, namaken. 'Fake' heeft met andere woorden meerdere
betekenislagen.
Volgens hetzelfde woordenboek is
fake
in
het Nederlands eerst gangbaar sinds 1965.
Wellicht kon in de verleiding komen om dit thema aan de orde te
stellen via een veel ouder begrip, namelijk 'konterfeiten’ (oudste
vermelding in 1277). In het Nederlands is dat een wat archaïsch
woord voor het afbeelden of uitschilderen van een persoon. Een
konterfeitsel is dus een portretschilderij, dat de opdrachtgever(s)
ervan doorgaans flatterend en omgeven door statussymboliek
voorstelt. Voor een deel van de erfgoedsector was dit wellicht ook
een mooi thema geweest. In het Engels heeft
to counterfeit
echter de harde betekenis van ‘vervalsen, frauduleus kopiëren’. Niet
zozeer deze negatievere gevoelslading in de taal van Albion, maar
een overweging van taalpuristische aard gaf echter uiteindelijk de
doorslag bij de keuze voor de breder inzetbare term
fake.
Het konterfeiten hebben we namelijk – als we de etymologie haar
rechten gunnen – van de Fransen afgekeken.
Het woord is een verbastering van
contrefaire,
dat niet letterlijk als ‘tegenwerken’ vertaald moet worden maar
eerder als ‘het tegenbeeld van iets vervaardigen’. Men wou via het
thema van Erfgoeddag uiteraard veel voor het erfgoedpubliek mogelijk
maken, maar toch geen naaperij van het buitenland.