| 1. |
Belgische postzegels 1938-'46.
Wij zien hier reeksen gelegenheidszegels bij
actualiteitsgebeurtenissen uit de betrokken periode, reeksen
'Antitering', reeksen 'Rode Kruis', reeksen 'Winterhulp',
diverse reeksen met meerwaarde t.v.v. sociale weldadige
werken in de oorlogstijd en de daaropvolgende periode,
reeksen 'Bevrijding' en diverse reeksen ter herdenking van
oorlogsgebeuren (tot 1990).
Daarnaast ook enkele oorlogsuitgiften t.v.v. de strijders
aan het Oostfront. Deze postzegels hadden geen
frankeerwaarde en konden bijgevolg enkel als vignetten (dus
als steun) gebruikt worden. |
|
Het politieke regime in crisis
Parlementsverkiezingen van 2 april 1939
De vorige
parlementsverkiezingen op 24 mei 1936 gaven een grote winst
voor de extreme partijen: Rex van 0 naar 21 zetels, VNV + 8
en de communisten + 6 zetels. De Belgische Werklieden Partij
was met 70 zetels terug de grootste partij.
Op 13 juni 1936 werd de tweede regering Van Zeeland
(driepartijencoalitie) gevormd.
Bij een tussentijdse verkiezing in Brussel op 11 april 1937,
verslaat premier Paul Van Zeeland Rex-voorman Leon Degrelle
(slogan: Rex ou Moscou') met 76 tegen 19 % van de stemmen.
Na een conflict over de rol van Van Zeeland als gewezen
vice-gouvemeur van de Nationale Bank, diende de regering Van
Zeeland op 25 okt. haar ontslag in. Na een maand van
regeringsonderhandelingen (7 formateurs mislukten!) drukt
koning Leopold III op 22 nov. in een radioboodschap zijn
ergernis uit over de trage werking van het partijstelsel.
Daags nadien, 23 nov. komt er een nieuw
driepartijenkabinet-Paul Emile Janson (eerste liberale
premier sinds 1884) tot stand.
Op 13 mei 1938 viel het kabinet Janson. Op 15 mei komt de
driepartijenregering-Spaak tot stand (eerste socialistische
premier in de Belgische geschiedenis).
Ingevolge de diepe politieke, sociale en economische
malaise bevond de regering Spaak zich in een permanente
crisis. Het was niettemin een communautair thema dat tot
voortijdige verkiezingen leidde. De liberalen ontketenden
een campagne tegen de benoeming van de oud-activist Adriaan
Marlens tot lid van de pas opgerichte (7 nov. '38)
Koninklijke Vlaamse Academie voor Geneeskunde. Marlens werd
een symbool. Op 2 februari '39 stemden in het parlement
Vlamingen tegen Franstaligen. Een week later, op 9 februari,
diende Spaak het ontslag van de regering in. Door de houding
van de liberalen zat het politiek bestel muurvast. Op 21
februari word de Katholiek-Socialistische regering-Hubert
Pierlot gevormd. N.a.v. de deflatiepolitiek neemt zij
ontslag op 27 februari.
Na twee mislukte formatiepogingen ontbindt de koning het
parlement en schrijft nieuwe verkiezingen uit. In een brief
aan Pierlot klaagt hij de verwording van het parlementair
regime aan. Negen dagen later greep de Duitse inval in het
protectoraat Bohemen-Moravië plaats. Dit en de
internationale toestand in het algemeen beheerste mee de
daarop volgende verkiezingscampagne. Ondanks de algemene
aanval op het 'Duitsgezinde' VNV kon die partij standhouden
(+ 1 zetel). Grote verliezer was Rex dat verschrompelt van
21 naar 4 zetels. Vooral de katholieke partij profiteerde
daarvan, zij won 10 zetels. Zij was daarmee terug de
grootste partij. Maar ook de liberalen werden voor hun
verzet tegen Marlens door de kiezer met een even grote
zetelwinst beloond. De BWP verloor 6 zetels. Daags na de
verkiezingen nam Marlens ontslag. De socialisten wezen
deelname aan een driepartijenkabinet af en op 18 april kwam
de katholieke-liberale regering-Pierlot II tot stand.
Op 26 april 1940 biedt premier Pierlot het ontslag van zijn
regering aan de koning aan wegens moeilijkheden over een
taaiorganisatie van het ministerie van Onderwijs. Leopold
III weigert het ontslag op grond van de gespannen
internationale toestand. Op 10 mei valt het Duitse leger
België aan. België ging dus met de Regering Pierlot de
oorlog in. Zij bleef wettelijk aan van 18 april '40 tot 27
september 1944. De eerste na-oorlogse
parlementsverkiezingen hadden plaats op 17 februari 1946. |