|
Opwijk,
19 augustus 2011
De heer Lode DE WITTE
Gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant
Provincieplein 1
3010 LEUVEN
Geachte heer gouverneur,
| Betreft: |
gemeente Opwijk: plaatselijke afsluiting van de buurtweg
nr. 78. |
Enkele maanden geleden werd
door de gemeente Opwijk een hoppeveld aangelegd in de nabijheid
van de Steenweg op Vilvoorde te Opwijk. Dit project kon rekenen
op de (financiële) steun van de provincie Vlaams-Brabant, van de
Vlaamse overheid en van Europa.
Als erfgoedvereniging vinden
wij het uiteraard een goede zaak dat wordt getracht om (de
herinnering aan) lokale teelten die mee de identiteit van onze
gemeente en regio vormden, levendig te houden. Ook al kan de
vraag worden gesteld of dit allemaal niet wat te weinig is en te
laat komt. Vijftien jaar geleden had men nog de kans om naast
enkele hoppevelden ook de andere hopgebonden infrastructuur te
behouden en te versterken, maar onder andere onze vereniging
predikte toen in de woestijn. Ook het feit dat het hoppeveld
wordt ingeplant op een plaats waar historisch nooit hop werd
gekweekt (wellicht net omwille van de andere bodemgesteldheid op
deze plaats) en van het feit dat er blijkbaar geen flankerende
maatregelen worden genomen, doet hier en daar wenkbrauwen
fronsen.
Wat ons echter het meest tegen
de borst stuit, is het feit dat de initiatiefnemers van dit
project en in het bijzonder de gemeente Opwijk wijst op de
toeristische ontsluitingsmogelijkheden van het hopveld via een
aantal buurtwegen. Het is inderdaad zo dat het hopveld via deze
buurtwegen vlot bereikbaar zou kunnen zijn.
Meer zelfs: de desbetreffende
buurtweg loopt schuin over het perceel waarop het Hopveld werd
aangelegd.
Het gaat om de buurtweg nr.
78, in de Atlas der Buurtwegen aangeduid als Hulstkouterweg,
dwars door de Molenkouter volgens een rechtlijnig tracé.
Het is (was) een typische molenweg, tussen de aloude
Hulstmolen en Mansteen, waar hij verbinding vormt richting
Merchtem, Mollem,… In 1953 werd de weg plaatselijk verlegt bij
zijn aansluiting op de Steenweg op Vilvoorde (K.B. 05-08-1953,
nr. 427.371/12807).
Bij de aanleg van het hopveld
werd echter op geen enkele manier rekening gehouden met de
aanwezigheid van deze buurtweg. Deze werd gewoon overplant en
dus feitelijk plaatselijk zonder meer afgesloten. De wettelijke
procedure ter zake werd op geen enkele wijze gevolgd.
In bijlage voegen wij enkele foto's (6 juli 2011) met aanduiding
van het tracé van de weg.
In de praktijk wordt deze
buurtweg nog vrij intensief gebruikt. De weg maakt ter plaatse
deel uit van een korte directe (fiets)verbinding tussen Opwijk
via de Hulst en Mansteen, Klei, Merchtem, Mollem,…
De omliggende landbouwers doen
steeds de nodige inspanningen om het tracé te vrijwaren. Dat een
gemeentebestuur bij één van haar eigen realisaties hieraan
verzaakt is niet alleen onwettig, maar ook verwerpelijk, zeker
omdat voor het overige wordt gewezen op de
ontsluitingsmogelijkheden via deze trage verbindingen.
De gebruikers staan nu geblokkeerd op de weg ter hoogte van het
hopveld en dienen dus maar hun weg verder te zoeken in het
aanpalend grasveld rond het hopveld.
In eerste instantie vragen wij
u dan ook op te treden en de gemeente Opwijk te wijzen op de
specifieke wettelijke verplichtingen met betrekking tot de
buurtwegen (wijzigingsprocedure en gemeentelijk toezicht).
Ten tweede lijkt het ons ook
raadzaam dat in de toekomst bij de beoordeling van dergelijke
projecten in het kader van project- of andere oproepen wordt
nagegaan of er geen problemen zijn met de aangeduide plaats.
Het is opvallend dat de provincie Vlaams-Brabant vele
inspanningen doet voor het behoud en herwaardering van de
buurtwegen, bijvoorbeeld door de digitalisering van de Atlas der
Buurtwegen en de publicatie op internet, de publicatie 'De
provincie Vlaams-Brabant en haar buurt- en voetwegen',… Het
lijkt ons dan ook logisch dat bij de beoordeling van
betoelagingdossiers consequent wordt nagegaan of een en ander
wel gebeurt in overeenstemming met het gevoerde beleid inzake
buurtwegen en met de geldende regelgeving.
Mogen wij u vragen, mijnheer
de gouverneur, deze zaak te laten onderzoeken en ons op de
hoogte te houden van de maatregelen die zich opdringen.
Met de meeste hoogachting,
voor het HOM-bestuur,
|
Maurice WILLOCX |
Ingo LUYPAERT |
|
bestuurder |
voorzitter |
|